Jeroen GeefhuizenSEM specialist
Ik heb ruim acht jaar ervaring als Online marketing specialist. Daar heb ik altijd een ondernemende aanpak bij gehad. Ik zet graag de online wensen van een klant om in aantoonbaar resultaat. Ik geef daarbij ook aandacht aan het proces en de samenwerking. Vanzelfsprekend hou ik ook de laatste online ontwikkelingen bij. Verder besteed ik ‘quality time’ aan mijn sociale leven. Vriendin, vrienden en familie zijn belangrijk voor me. Benieuwd naar mijn collega`s?
AMSTERDAM - Google heeft woensdagavond de langverwachte digitale muziekwinkel Google Music onthuld.
De dienst komt acht jaar na de lancering van de iTunes Store van Apple en doet in principe hetzelfde. Toch heeft Google een grote kans te slagen op de muziekmarkt.
In Google Music kunnen gebruikers digitale liedjes opslaan en kopen. Losse nummers gaan ongeveer 1 dollar kosten, vergelijkbaar met de prijzen in iTunes. Wel geeft Google elke dag een nummer gratis weg.
Voor Google Music heeft de zoekgigant contracten gesloten met Universal Music Group, Sony Music Entertainment en EMI. Met Warner is nog geen overeenkomst bereikt. In totaal zijn nu al acht miljoen nummers beschikbaar, op termijn zullen dit er 13 miljoen worden.
Voorlopig kunnen wel alleen consumenten in de Verenigde Staten gebruikmaken van de dienst. Wanneer de muziekwinkel naar Europa komt is niet bekend.
Kansen
Ondanks de immense populariteit van iTunes zijn er een aantal kansen voor Google Music. Zo bieden artiesten exclusieve content aan in de muziekwinkel van Google, bijvoorbeeld opnames van concerten.
Daarnaast is de muziekwinkel van Google niet alleen beschikbaar als webapplicatie voor op pc’s, maar ook op alle smartphones uitgerust met het mobiele besturingssysteem Android. Er zijn inmiddels 200 miljoen Androidapparaten geactiveerd.
Al deze gebruikers kunnen nu heel gemakkelijk muziek aanschaffen in de digitale winkel terwijl iTunes alleen met een omweg te gebruiken is. Bovendien zal Google links naar de muziekwinkel aanbieden bij muziekvideo’s op Youtube.
Google+
Google heeft ook een integratie met het sociale netwerk Google+ in het leven geroepen. Gebruikers van Google Music kunnen aangekochte muziek delen met hun contacten op Google+. Deze contacten kunnen de nummers dan kort beluisteren en eventueel aanschaffen.
Vrijdag 4 november 2011
Google maakt zoekresultaten actueler
Amsterdam - Google heeft zijn zoekfunctie verbeterd door met meer recente resultaten te komen bij het zoeken naar onderwerpen.
Google heeft zijn algoritme zo aangepast dat het de resultaten op actualiteit kan onderscheiden.
“De informatiestroom op het web gaat tegenwoordig zo snel, dat de zoekmachine moet weten of informatie over bijvoorbeeld een tv-show van een week geleden recent is, of dat het toen brekend nieuws was en nu oud”, zo staat op de blog van Google.
Als voorbeeld wordt de Olympische Spelen genoemd. “Als er wordt gezocht op de Spelen, dan gaan we ervan uit dat men het laatste nieuws bedoelt over de komende Spelen van 2012. Als men daar nu op zoekt, komt dat als eerste naar boven. Het jaartal 2012 hoeft niet toegevoegd te worden.”
Het algoritme onderscheidt zoekopdrachten waarbij het niet noodzakelijk is dat het om recente informatie gaat, zoals bijvoorbeeld recepten. Deze aanpassingen zullen naar schatting 35 procent van alle zoekresultaten treffen.
Donderdag 22 september 2011
Twitter vs. Facebook: Welk platform biedt merken meeste waarde
Frankwatching verzamelt in deze serie infographics op het gebied van internet, social media, marketing en communicatie. Deze week in de serie Infographic Day: Twitter vs. Facebook: welk platform biedt de meeste waarde voor merken?
Organisaties en merken zien steeds meer de kansen en mogelijkheden van social media in om hun boodschap te verspreiden en zo (nieuwe) klanten aan te trekken. Maar er zijn ook organisatie die zich afvragen welke toepassingen zij moeten inzetten.
Column Five heeft samen met BuySellAds de onderstaande infographic ontwikkeld waarin zij voor- en nadelen op een rij hebben gezet van de twee populairste toepassingen op het gebied van social media: Twitter en Facebook. Beide platformen bieden zo hun eigen kansen, maar welke toepassing biedt voor organisaties en merken de meeste waarde? En wat zijn de voordelen van Twitter en wat voor kansen biedt Facebook voor merken? De makers hopen met deze visualisatie antwoord te kunnen geven op deze en andere vragen.
Benieuwd welke kansen Twitter en Facebook organisaties en merken bieden? Scrol dan naar beneden om de infographic te bekijken. Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Donderdag 15 september 2011
10 onmisbare social mediafeiten
De voorbije maanden voerde ik met mijn marktonderzoeksbureau InSites Consulting een wereldwijde studie uit om het gedrag ten opzichte van social media in kaart te brengen. De studie is uitgevoerd in 35 landen en telt meer dan 9.000 respondenten. In dit artikel beschrijf ik tien opvallende resultaten van dit onderzoek.
Twitter en Facebook versterken elkaar.
Twittergebruikers zijn eveneens intensieve Facebook gebruikers. Een stijgend Twittergebruik zorgt niet voor een dalend Facebookgebruik, toont het onderzoek aan. Sterker nog: als mensen Twitter gebruiken, zijn ze over het algemeen grote liefhebbers van sociale media. Deze groep gebruikt zowat alle sites intensiever dan de niet Twitter gebruiker. Twitter blijft echter een buitenbeentje in de sociale netwerk wereld. 80% van de Europeanen kent de site, maar slechts 16% gebruikt de site. De Twitter paradox, noem ik het.
Vrienden online zijn vrienden offline.
Mensen linken zich online met mensen die ze offline kennen. Het is de minderheid die online connecties zoekt met onbekenden. De belangrijkste reden om iemand te ‘ontvrienden’ is trouwens een dalende offline relatie.
Online en offline beleving niet altijd identiek: gemiste kans.
12% van de gebruikers van sociale netwerksites vinden dat bedrijven zich online anders gedragen dan offline. Uiteraard mag een merk slechts één positionering hebben. Bij veel bedrijven zijn er echter verschillende teams verantwoordelijk voor de online en de offline ervaring. Daardoor kan een vertekend of schizofreen beeld van een merk ontstaan.
Positieve conversaties zijn impactvoller dan negatieve.
Dit vind ik één van de mooiste conclusies van dit onderzoek. Positieve conversaties zijn talrijker dan negatieve. Het is een absolute minderheid van de conversaties die negatief zijn. Ook over merken en bedrijven wordt in grote mate positief gepraat. Nog mooier is dat de impact van positieve conversaties groter is dan die van negatieve. Mensen gaan tijdens een aankoopbeslissing op zoek naar positieve, bevestigende verhalen. Op basis daarvan worden beslissingen genomen. Negatieve verhalen hebben niet hetzelfde effect.
Offline merkervaring is de belangrijkste online conversatie starter.
Wat er gebeurt (bij de aanschaf van een product) in een winkel of hoe het product wordt beleefd, is de grootste start van een online conversatie. De offline beleving vertaalt zich met andere woorden in online conversaties. Online en offline zijn geen gescheiden werelden, het zijn geen andere mensen. De conversaties zijn gewoon transparanter geworden.
Fans van merken zijn minder geloofwaardig.
Slechts 16% van de sociale netwerk gebruikers vertrouwt de feedback van een fan over een bedrijf. Men gaat er van uit als iemand fan is dat de aanbeveling per definitie positief zal zijn. Deze hypothese vermindert de geloofwaardigheid van de afzender. Consumenten blijven op zoek gaan naar de meest betrouwbare bron om zich te informeren. Fans horen daar niet langer bij.
E-mail en website zijn perfecte feedback kanaal.
80% van de surfers wil feedback geven aan een bedrijf via e-mail. 62% verkiest de website. 24% van de surfers is bereid om via social media een bedrijf te contacteren. Onder marketeers is er duidelijk een social mediahype. Bedrijven willen zich (terecht) omvormen om social media te integreren. Deze conclusie bewijst echter dat ook de ‘klassieke’ online kanalen nog steeds heel belangrijk zijn om de conversatie met de klant te onderhouden.
Smartphone zorgt voor meer interactie met merken.38% van de surfers beschikt over een smartphone. De intensiteit en frequentie waarmee de smartphonebezitter social media gebruikt, is een stuk hoger dan die van de niet-smartphonegebruiker. Op alle vlak zijn smartphone bezitters interactiever. Ze volgen meer merken, ze plaatsen meer content en ze reageren meer op input van anderen.
Location-based is echt nog niche.
Slechts 12% van de smartphone bezitters is vertrouwd met location based services. Velen hebben er nog nooit van gehoord, maar de meesten zien er de toegevoegde waarde niet van. Gebruik en intentie tot gebruik van location based services ligt nog erg laag.
Moeilijk om een app echt succesvol te maken.
Een app is meestal heel eenzaam nadat hij geïnstalleerd is. Gemiddeld staan er 25 applicaties op een smartphone, maar slechts 12 ervan worden gebruikt. De meest gebruikte apps zijn die van de sociale netwerken zelf. Het is voor een merk niet evident om te scoren met een app en iets te vinden dat frequent wordt gebruikt.
De voorbije maanden voerde ik met mijn marktonderzoeksbureau InSites Consulting een wereldwijde studie uit om het gedrag ten opzichte van social media in kaart te brengen. De studie is uitgevoerd in 35 landen en telt meer dan 9.000 respondenten. In dit artikel beschrijf ik tien opvallende resultaten van dit onderzoek.
1. Twitter en Facebook versterken elkaar.
Twittergebruikers zijn eveneens intensieve Facebook gebruikers. Een stijgend Twittergebruik zorgt niet voor een dalend Facebookgebruik, toont het onderzoek aan. Sterker nog: als mensen Twitter gebruiken, zijn ze over het algemeen grote liefhebbers van sociale media. Deze groep gebruikt zowat alle sites intensiever dan de niet Twitter gebruiker. Twitter blijft echter een buitenbeentje in de sociale netwerk wereld. 80% van de Europeanen kent de site, maar slechts 16% gebruikt de site. De Twitter paradox, noem ik het.
2. Vrienden online zijn vrienden offline.
Mensen linken zich online met mensen die ze offline kennen. Het is de minderheid die online connecties zoekt met onbekenden. De belangrijkste reden om iemand te ‘ontvrienden’ is trouwens een dalende offline relatie.
3. Online en offline beleving niet altijd identiek: gemiste kans.
12% van de gebruikers van sociale netwerksites vinden dat bedrijven zich online anders gedragen dan offline. Uiteraard mag een merk slechts één positionering hebben. Bij veel bedrijven zijn er echter verschillende teams verantwoordelijk voor de online en de offline ervaring. Daardoor kan een vertekend of schizofreen beeld van een merk ontstaan.
4. Positieve conversaties zijn impactvoller dan negatieve.
Dit vind ik één van de mooiste conclusies van dit onderzoek. Positieve conversaties zijn talrijker dan negatieve. Het is een absolute minderheid van de conversaties die negatief zijn. Ook over merken en bedrijven wordt in grote mate positief gepraat. Nog mooier is dat de impact van positieve conversaties groter is dan die van negatieve. Mensen gaan tijdens een aankoopbeslissing op zoek naar positieve, bevestigende verhalen. Op basis daarvan worden beslissingen genomen. Negatieve verhalen hebben niet hetzelfde effect.
5. Offline merkervaring is de belangrijkste online conversatie starter.
Wat er gebeurt (bij de aanschaf van een product) in een winkel of hoe het product wordt beleefd, is de grootste start van een online conversatie. De offline beleving vertaalt zich met andere woorden in online conversaties. Online en offline zijn geen gescheiden werelden, het zijn geen andere mensen. De conversaties zijn gewoon transparanter geworden.
6. Fans van merken zijn minder geloofwaardig.
Slechts 16% van de sociale netwerk gebruikers vertrouwt de feedback van een fan over een bedrijf. Men gaat er van uit als iemand fan is dat de aanbeveling per definitie positief zal zijn. Deze hypothese vermindert de geloofwaardigheid van de afzender. Consumenten blijven op zoek gaan naar de meest betrouwbare bron om zich te informeren. Fans horen daar niet langer bij.
7. E-mail en website zijn perfecte feedback kanaal.
80% van de surfers wil feedback geven aan een bedrijf via e-mail. 62% verkiest de website. 24% van de surfers is bereid om via social media een bedrijf te contacteren. Onder marketeers is er duidelijk een social mediahype. Bedrijven willen zich (terecht) omvormen om social media te integreren. Deze conclusie bewijst echter dat ook de ‘klassieke’ online kanalen nog steeds heel belangrijk zijn om de conversatie met de klant te onderhouden.
8. Smartphone zorgt voor meer interactie met merken. 38% van de surfers beschikt over een smartphone. De intensiteit en frequentie waarmee de smartphonebezitter social media gebruikt, is een stuk hoger dan die van de niet-smartphonegebruiker. Op alle vlak zijn smartphone bezitters interactiever. Ze volgen meer merken, ze plaatsen meer content en ze reageren meer op input van anderen.
9. Location-based is echt nog niche.
Slechts 12% van de smartphone bezitters is vertrouwd met location based services. Velen hebben er nog nooit van gehoord, maar de meesten zien er de toegevoegde waarde niet van. Gebruik en intentie tot gebruik van location based services ligt nog erg laag.
10. Moeilijk om een app echt succesvol te maken.
Een app is meestal heel eenzaam nadat hij geïnstalleerd is. Gemiddeld staan er 25 applicaties op een smartphone, maar slechts 12 ervan worden gebruikt. De meest gebruikte apps zijn die van de sociale netwerken zelf. Het is voor een merk niet evident om te scoren met een app en iets te vinden dat frequent wordt gebruikt.
Deze conclusies vielen me op tijdens het analyseren van de resultaten. Wil je alle resultaten in detail bekijken, dan zal bovenstaande presentatie vast helpen. Download de presentatie gerust om de cijfers te gebruiken.
Woensdag 7 september 2011
Inzet internet marketing zinloos zonder "basismarketing"
De veranderingen in de wijze waarop u tegenwoordig marketing kunt bedrijven, volgen elkaar razendsnel op. Het aanbod van marketingtools als Twitter, Linkedin, Facebook, e-mailmarketing, zoekmachine-optimalisatie (SEO) en de steeds veranderende techniek op websitegebied is groot. Vanwege de laagdrempeligheid door lage kosten en gebruiksgemak wil iedereen hier in meegaan maar hanteert hierbij vaak geen of nauwelijks een ‘basis’marketingvisie. Dit resulteert in een hoop losse flodders.
Geen basis, geen resultaat
Het gebruik van allerlei nieuwe marketingtools is voor veel organisaties inmiddels onontbeerlijk. Daar waar multi-channeling eerder bestond uit de website, een wervende e-mail en een brochure zijn de mogelijkheden tegenwoordig legio. U moet, althans velen voelen dat zo, nu ook Twitteren, op Linkedin staan, een goed vindbare website hebben, bloggen, etc.
Omdat de ontwikkelingen zo snel gaan, neemt men vaak niet of niet voldoende tijd om hiervoor een (goede) strategie uit te stippelen. Zo blijkt bijvoorbeeld uit recent onderzoek van TNS-NIPO, dat 88% van organisaties in Nederland geen doordachte social media-strategie heeft.
Nog sterker, het ontbreekt binnen veel organisaties überhaupt aan een degelijke marketingvisie. En dit moet toch de basis zijn om gestructureerd, effectief en met rendement nieuwe media voor marketing in te zetten .
Stap 1: Een goede marketingvisie; daar begint het mee
Voordat u allerlei nieuwe marketingtools gaat hanteren, zult u eerst een goede visie op uw marketing moeten hebben. Veel organisaties hebben geen marketingvisie, of deze stamt nog uit de tijd van het opstellen van het ondernemersplan. U zult terug moeten naar de basis en beginnen met het formuleren van antwoorden op vragen als:
Wat zijn mijn doelgroepen?
Wat zijn potentieel nieuwe doelgroepen?
Hoe benader ik deze doelgroepen en hoe willen zij benaderd worden?
Met welke boodschap benader ik deze doelgroepen?
Wie wil ik binnen de organisaties uit mijn doelgroepen benaderen?
Waarin ben ik uniek of anders dan mijn concurrenten en hoe presenteer ik dat?
Welke oplossing voor een probleem, vraag of ambitie bied ik klanten?
Deze vragen stellen en beantwoorden, vormen het begin van een marketingvisie die u nodig heeft om de volgende stap te kunnen nemen.
Stap 2: eerst ‘basis’marketing op orde
Pas als deze en overige vragen goed beantwoord zijn, heeft u een visie in handen waarmee bepaalt kan worden welke marketingtools u kunt aanwenden, het marketingplan. En ook dan begint het weer bij de basis; is er bijvoorbeeld geen fatsoenlijke website, geen up-to-date klantenbestand, geen CRM-systeem dan hebben allerlei nieuwe marketingtools ook weinig nut.
Zo vindt men bijvoorbeeld uw bedrijf via Linkedin en klikt vervolgens geïnteresseerd door naar een nietszeggende en verouderde website; einde interesse.
Of u wilt een e-mailing versturen maar heeft ten eerste geen up-to-date klantenbestand en ten tweede geen (goed) CRM-systeem om response of zelfs conversie te registreren; niet effectief en geen rendement.
Door het gemak, de lage kosten van het gebruik van veel van de nieuwe marketingtools en niet te vergeten het ‘ik moet hier aan mee doen’-gevoel stapt men dus vaak ondoordacht en zonder visie in het gebruik van dit soort tools. Daarbij wordt vergeten dat verkeerd en ongestructureerd gebruik eerder tot negatieve dan tot positieve resultaten leidt.
Stap 3: keuze nieuwe marketingtools
Als de ‘basis’marketing op orde is, kunt u gaan kijken welke nieuwe media u wilt inzetten om marketing te bedrijven. Als u goed kijkt naar de antwoorden die u in uw marketingvisie geformuleerd heeft dan is een selectie betrekkelijk eenvoudig te maken. U zult hier ook daadwerkelijk selectief moeten zijn en niet met alle winden mee willen waaien. Bedenk goed welke manier van naar buiten treden bij u en uw organisatie past en wat bij uw doelgroep past. Hoe wil de doelgroep benaderd worden?
Denkt u vervolgens ook goed na over registratie en opvolging van contacten die door nieuw te gebruiken marketingtools gelegd worden. Maar ook hoe u uw ROI (return on investment) wilt meten. Dit vergt wellicht een andere werkwijze dan u tot nu toe gewend bent.
Conclusie
Om gestructureerd marketing te kunnen bedrijven, zal er eerst een marketingvisie moeten zijn. Bij het ontbreken hiervan is de keuze van marketingtools, oud en nieuw, ongefundeerd, ineffectief en zonder rendement. Zeker het inspringen op allerlei nieuwe vormen van marketing, zoals verschillende social media, is hier een voorbeeld van.
Als u bovengenoemde stappen volgt, zal uw keuze bewuster, meer doordacht en daarmee een keuze met meer rendement zijn.
Begin bij de basis, een goede marketingvisie, want zonder basis heeft u geen fundament om op te bouwen. En pak niet alles tegelijk aan, doe het stap voor stap. Gaandeweg zult u het nodige leren en die kennis kunt u weer toepassen op uw volgende stap(pen) en u helpen in uw keuzes.
Bron: Karel Geenen
Dinsdag 6 september 2011
Google (her)lanceert Google Catalogs
Google heeft deze week de Google Catalogs gelanceerd, een gratis tablet-geoptimaliseerde app waarmee meerdere catalogi handig doorzoekbaar en interactief te bekijken zijn.
Met de Google Catalogs, op dit moment alleen beschikbaar op de iPad, kan de consument de digitale versies van catalogi van tientallen Amerikaanse retailers bekijken, waaronder Williams Sonoma, L.L. Bean en Macy’s. De app geeft een melding wanneer er nieuwe catalogussen beschikbaar zijn.
Interactief
Maar behalve dat de consument binnen één app door meerdere catalogi kan bladeren, heeft hij ook de mogelijkheid om producten, die zijn aandacht hebben getrokken, op te slaan en te delen met vrienden. De consument kan de foto’s bewerken, een achtergrond kiezen en, indien gewenst, een tekst toevoegen. Google Catalogs ondersteunt ook video’s, zoals kookdemonstraties in de catalogus van Williams Sonoma. Door te klikken op een artikel kan een consument het product via de online shop aanschaffen, of hij kan zoeken naar de dichtstbijzijnde fysieke winkel.
Herlancering
De Google Catalogs is niet helemaal nieuw. Google lanceerde al eerder in 2001 Google Catalog Search, waarmee consumenten door gescande versies van geprinte catalogi konden zoeken. Dit is echter nooit helemaal aangeslagen, waardoor Google het in 2009 sloot. Google laat weten dat er van de nieuwe Google Catalogs op korte termijn een versie voor tablets met Android zal volgen.
Bron: Pcmag.com
Woensdag 3 augustus 2011
Social Media ranking factor voor Google of niet?
De meningen zijn lang verdeeld geweest op het web, maar het is nu officieel bevestigd: De social media zijn een ranking factor voor Google geworden.
Matt Cutts, een van Google belangrijkste mensen op het gebied van zoeken, SEO en voorlichting heeft een video opgenomen en op Youtube geplaatst. In deze video legt hij uit dat Google de social media meenemen als ranking factor.
Video Matt Cutts:
Zoals u kunt horen in deze video gaat het net als bij overige ranking factoren om kwaliteit. Dat betekent dat het niet om de aantallen gaat.
De volgende tips helpen u op weg naar een kwalitatieve hoogwaardige ranking factor via social media:
Website vermelden in uw profiel
Tweets en links plaatsen in die tweets
Links plaatsen naar verschillende websites over uw specialisme
Zorgen dat u een autoriteit wordt op uw vakgebied
Wat zijn de gevolgen van deze ranking factor voor SEO (ook wanneer u alleen SEO heeft ingekocht):
In het beginsel zullen de directe gevolgen niet zeer zichtbaar zijn wanneer u alleen heeft ingezet op SEO, goede SEO zorgt er namelijk voor dat uw pagina’s perfect aansluiten op het zoekgedrag van uw bezoekers.
Nu Social media een rankingfactor heeft betekent het dus niet dat u in eens verdwijnt uit de resultaten van de zoekmachines, u bent immers relevant doordat uw pagina’s geoptimaliseerd zijn en er is al gewerkt aan de autoriteit van uw website/shop pagina’s.
Op dit moment zal de Social media +/- 1/10e van uw ranking bepalen, de verwachting is echter wel dat dit in de komende jaren zal oplopen tot 1/3e van uw totale ranking. Dit betekent dat het zeer aan te raden is om nu te starten met het inzetten van social media, zodat u voorbereid bent op de toekomst en alvast een voorsprong kan gaan bouwen ten opzichte van uw concurrenten.
Woensdag 6 juli 2011
SEO wordt Internet Strategie na Panda Update van Google
Google verandert voortdurend. De afgelopen tijd is er ook al erg veel geschreven over de Google Panda update. Deze update lijkt een grote stap voorwaarts te zijn voor Google om de doelstellingen: het optimale resultaat neerzetten voor de gebruiker.
De Google Panda update betekent niet dat ‘klassieke’ SEO ineens zinloos is geworden. Het is echter niet meer genoeg! Door de update, waarbij zelflerende mechanismes ingezet worden, worden er meer factoren toegevoegd die bepalen waar je in de zoekresultaten terecht komt. De update maakt het werk wanneer je bezig wil gaan met SEO alleen minder makkelijk te beïnvloeden en complexer.
In deze post een korte blik op de ontwikkelingen en veranderingen op het gebied van zoekmachine optimalisatie (SEO).
SEO? Biedt kwaliteit en relevantie
Google geeft zelf aan dat kwaliteit één van de meest belangrijke factoren is. In de video is ook te zien dat unieke content niet meer ‘key’ is, maar dat ook de zoekresultaten steeds meer en beter kunnen worden bepaald op basis van gebruiksvriendelijkheid / usability, is alleen ‘unieke’ content niet meer genoeg en worden er verschillende factoren ingezet om dit alles te kunnen meten.
Gebruiksvriendelijkheid: ontwerp & beleving
Door de website beter af te stemmen op de gebruiker en minder specifiek te richten op de zoekmachine, bedien je de klant beter. Het is overigens hoe dan ook verstandig om de gebruiker leidend te laten zijn bij het opzetten van je website! Die gebruiker / bezoeker is uiteindelijk degene die moet converteren toch? SEO was voor mij altijd al de zoektocht naar de ultieme balans tussen zoekmachine en bezoeker, dat wordt nu nog sterker.
Content: WOW factor van levensbelang
Websites zijn er te over. Unieke content is ook niet zeldzaam. De WOW factor gaat tellen. Bezoekers op je website moeten een soort drang krijgen om je site sociaal te gaan delen. Je moet in staat zijn bezoekers te boeien en te binden. Beleving is dus het sleutelwoord!
Factoren om dit te meten
Bovenstaande ‘elementen’ zijn leuk, maar hoe wordt dat dan bepaald en gewogen? Zoals in het filmpje al duidelijk wordt, zullen er meer meetgegevens een rol gaan spelen. Denk daarbij aan factoren als:
• Hoe lang blijft een bezoeker op je website?
• Wat is de bouncerate van je website?
• Hoeveel pagina’s worden er gemiddeld door bezoekers bekeken?
• Wat is het doorklikpercentage vanuit de zoekresultaten?
Natuurlijk staan dit soort gegevens niet op zich. Neem het aantal bekeken pagina’s. Een leuke waarde, maar wat kun je ermee? De ene website zal veel pagina’s per bezoek tellen, de andere weinig. Websites zijn ook erg verschillend. De webshop van één van mijn klanten trekt rond de 5 pagina’s per bezoek. Dat gemiddelde ligt een stukje lager op dit blog. De websites zijn ook heel verschillend tenslotte. Google zal deze gegevens dus moeten vergelijken op basis van de zoekopdrachten die worden gegeven. Door de Google Panda update zijn hier nu meer mogelijkheden voor.
Voedingsbodem Social Search?
Social Media is een thema wat naar verwachting een steeds grotere rol zal gaan spelen binnen zoekopdrachten. Dat blijkt alleen al door de samenwerking tussen de zoekmachine Bing en Facebook. Via sociale media wordt veel informatie gedeeld. De enorme omvang ervan, wanneer we kijken naar gebruik, lijkt ook niet meer te negeren. De nu toegevoegde factoren lijken op een beweging waarbij Social Search weer een stapje dichterbij komt. Overigens zijn er al meer signalen dat de rol van social fors toe gaat nemen in het zoeken naar informatie. Eén voorbeeld daarvan is onderstaande screendump van Google ‘Realtime’ search.
De toekomst van search
Time will tell… dat is eigenlijk het belangrijkste om in het achterhoofd te houden wanneer het gaat om search. Feit blijft dat Google haar algoritme constant verandert. Het is dus logisch dat de invulling van SEO ook mee verandert. In die zin betekenen de wijzigingen dus weinig nieuws. Persoonlijk verwacht ik in in ieder geval dat in de toekomst de zoekgigant meer zal gaan doen met ‘sociale’ resultaten en ‘lokale’ resultaten. We gaan het zien!
Vrijdag 1 juli 2011
Nu ook +1 button binnen Google Adwords
Een tijdje geleden introduceerde Google de +1 button (bekijk de introductievideo) waarmee je, zoals Facebook bijvoorbeeld doet, kunt laten zien aan je sociale contacten dat je een bepaalde webpagina leuk vindt. Sinds een maand is het mogelijk de Google +1 button toe te voegen aan je eigen website. De nieuwste ontwikkeling is dat deze +1 buttons nu ook voor de Google Adwords advertenties worden gebruikt.
Deze wijziging wordt automatisch doorgevoerd in de Google Adwords accounts. +1 buttons worden gekoppeld aan de bestemmings-URL van de advertentie. Wanneer de bestemmings-URL gewijzigd wordt, worden de verzamelde +1'tjes gewist. Wat dit betekent voor tracking-URL's zal nog moeten blijken. Google geeft aan daarmee rekening te houden.
Wellicht het meest interessant aan deze wijziging is dat Google hiermee niet langer kan claimen dat de prestaties in Google Adwords geen invloed hebben op de organische (onbetaalde) resultaten. +1'tjes die via een advertentie zijn gerealiseerd, tellen net zo goed mee voor een (betere) waardering in de organische zoekresultaten.
"+1-waarderingen (ongeacht de bron -- organische zoekopdrachten, advertenties, of +1-knoppen op sites van uitgevers) zijn signalen die van invloed zijn op de positie in de organische zoekresultaten, maar hebben geen invloed op de kwaliteitsscore van advertenties en de advertentiepositie."
De +1 buttons worden standaard geïmplementeerd in alle accounts en hebben geen bijkomende kosten. Voor een aantal adverteerders kan de +1 button een ongewenste toevoeging zijn. Via dit formulier kan er bij Google een verzoek tot afmelding van deze feature worden aangevraagd.
Bron: Zigt
Vrijdag 24 juni 2011
Hoe bied je online service aan?
Service is hetgeen dat ervoor zorgt dat klanten terugkomen. In een winkel kan een klant service gemakkelijk proeven, maar hoe zorgt u ervoor dat klanten dit online ook kunnen?
Stel u runt een koffiezaak. Naast uw koffiezaak begint een andere ondernemer een identiek bedrijf dat exact dezelfde koffie verkoopt tegen precies dezelfde prijs. Hoe gaat u er nu voor zorgen dat uw klanten bij uw onderneming blijven? Een prijzenoorlog heeft geen nut, omdat u de koffie al voor een prikkie verkoopt. Wat te doen?
Het antwoord is natuurlijk service bieden. Zorg ervoor dat uw klanten een prettigere “koffie ervaring” genieten dan bij de concurrent. Uw zaak wordt dus net iets schoner dan het bedrijf naast u, u biedt een lekkerder koekje aan bij de koffie en u staat klanten net iets beter te woord. De oplossing klinkt heel simpel, maar wat als u een webwinkel runt?
Informatievoorziening: kritisch punt bij online service.
Online kan service bieden behoorlijk moeilijk zijn, omdat een klant de service minder kan “ervaren” dan in een non-virtuele onderneming. Het is dus lastig om te zorgen dat een klant uw onderneming verkiest boven een andere partij. Toch zijn er uitkomsten die uw online onderneming kunnen helpen.
De basis van online service bieden, zit hem in de informatievoorziening. Geef genoeg informatie, zodat de bezoeker precies weet wat hij kan verwachten als hij een aankoop doet of een offerte aanvraagt.
Leg het koop- of aanvraagproces uit en doe dit zo kort mogelijk. Op deze manier heeft uw bezoeker meer het gevoel dat hij wordt geholpen bij het bestellen van een product of dienst dan bij de concurrent.
Dichter bij de klant staan
In het verlengde van informatievoorziening ligt uiteraard het bieden van hulp. Een goed ontworpen contactformulier en een nauwkeurig geplaatst telefoonnummer helpen uw klant bij het stellen van een vraag. Ook op deze manier voelt de klant dat uw onderneming dichter bij de klant staat.
Een klant hoeft het formulier of het telefoonnummer niet eens te gebruiken, zolang de klant maar weet dat hij de mogelijkheid heeft om hulp vragen, mocht hij het nodig hebben.
De extraatjes zorgen ervoor dat klanten terugkomen
Dit is een vorm van service die huidige websites vooral toepassen. De kreten “Gratis verzending” of “Vandaag besteld, morgen in huis!” hoort u dan ook vaak voorbij komen. Naar onze mening is het tegenwoordig meer noodzakelijk om goedkope/gratis verzending en snelle levering te bieden dan dat het onder service valt.
Een kortingsbon bij de bestelling voegen en dat laatste mailtje dat vraagt of alles goed is aangekomen zijn naar onze mening wel goede voorbeelden van extra service bieden. ‘Service voor de portemonnee’.
Moeite
Hoewel service bieden iets meer moeite kost dan lukraak de producten aanbieden, heeft het op de lange termijn zeker voordeel. Het zorgt ervoor dat uw onderneming net iets meer uitspringt boven de rest en dit levert tevreden klanten op, die keer op keer zullen terugkomen.
Donderdag 9 juni 2011
Feest!
Vandaag 9 juni 2011 trouwt David Homan zijn Rianne. Namens alle collega's wensen wij David een gelukkig huwelijk!
Volg ons via Twitter en blijf op de hoogte van de feestelijke ontwikkelingen en verwikkelingen!
Google Wallet gelanceerd!
Google heeft donderdag j.l. een nieuwe app gelanceerd: Google Wallet. Met deze app kunnen gebruikers hun smartphone als portemonnee gebruiken. Google Wallet is een nieuw mobiel betaalsysteem dus. Bij dit systeem wordt gebruik gemaakt van near-field communication (NFC). Dit is een techniek waardoor apparaten draadloos bepaalde informatie kunnen versturen en ontvangen over een afstand van ruim tien centimeter.
De toekomst
In de toekomst is het de bedoeling dat Google Wallet voor allerlei betalingen gebruikt kan worden, en daarnaast ook identiteitsgegevens kan opslaan voor instapkaarten voor vliegreizen, sleutels en identiteitsgegevens. Omdat Google Wallet een mobiele applicatie is, kan het meer dan een normale portemonnee. Alle normale zaken die je in een portemonnee bewaart, kan Google Wallet ook bewaren, maar dan zónder de beperkte opslagruimte.
Testfase
Op dit moment zit Google Wallet nog in de testfase, maar de verwachting is dat deze app snel op de markt zal komen. Voorlopig zal de app alleen op de Nexus S 4G beschikbaar zijn, maar het is de bedoeling dat het in de toekomst uitgebreid wordt naar meerdere smartphones. Verder zal de dienst voorlopig alleen nog maar in de USA beschikbaar zijn.
Woensdag 25 mei 2011
10 eerste hulp tips bij Google Shopping-problemenLangzaam beginnen in Google de eerste Nederlandse resultaten voor Google Shopping te verschijnen. Het inrichten van een optimale feed gaat niet altijd van een leien dakje. Hieronder volgen tien standaard tips voor een goede implementatie van Google Shopping voor webwinkels.
Was het eerst nog noodzakelijk om naar de speciale Google Shopping-tab te gaan, nu zien we ook resultaten in de top 10 staan. Consumenten beginnen de nieuwe zoekoptie te gebruiken.
Twee willekeurige voorbeelden:
Nu Google Shopping echt live is gegaan in Nederland, vinden ook steeds meer retailers hun weg naar Googles Merchant Center en richten een product feed in om zo snel mogelijk zichtbaar te zijn in de Shopping resultaten.
Dat het inrichten van de feed voor Google Shopping niet altijd van een leien dakje gaat, horen we veelvuldig terug: “Onze producten waren succesvol ingeladen, maar een dag later zijn ze weg?” “Er staat afgekeurd bij alle producten?” “Het werkt niet, contact gehad met Google, maar die doen er vaag over en daar komt dus niets concreets uit, help!”
Er is een overzicht gemaakt met 10 tips om bij uw Google Shopping implementatie rekening mee te houden:
1. Merknamen?Gebruik in de titel, als dit mogelijk is, altijd de merknaam van het product. Dus bijvoorbeeld niet ‘jurk’ maar ‘Esprit jurk’. Uit de eerdere inzet van Google Shopping bij klanten in Duitsland en Engeland is gebleken dat het toevoegen van de merknamen een aanzienlijke verkeersimpuls op kan leveren.
2. Zoekwoorden gebruiken?Gebruik ook zoekwoorden in de titels van uw producten. Je kunt wel een ‘Replay Sneaker’ aanbieden, maar wil je ook gevonden worden op ‘herenschoenen’ of ‘schoenen’ dan dient u deze woorden wel in de product titel op te nemen.
3. Consistentie?Bouw de feed consistent op en voorkom zoveel mogelijk vreemde zaken zoals HTML code. Variabelen in de product feed dienen altijd met kleine letters geschreven te worden.
4. URL’s taggen?Zorg dat u Google Shopping URL’s tagged met bijvoorbeeld Google Analytics: u ziet dan heel goed waar uw verkeer vandaan komt, wat het oplevert en waar op u bij zou kunnen sturen.
5. GTIN / gegevenskwaliteit feed?Google geeft aan dat vanaf 3 mei 2011 voor alle producten unieke product-id’s (GTIN) vereist zijn, behalve voor producten in de categorie ‘Kleding’ en op maat gemaakte producten. Dit betekend dat een EAN, MPN, ISBN of UPC code verplicht is.
Voor bijvoorbeeld een wijnverkoper zou dit dus ook moeten, wat onmogelijk is aangezien elke duurdere wijn geen EAN code heeft, enkel de fabriekswijnen.
Google geeft in dat geval de volgende melding “Sommige van uw items bevatten geen geldige unieke product-id’s. Voeg geldige unieke product-id’s toe. Als u dit niet doet, is het mogelijk dat geen van uw items in de zoekresultaten van Google wordt weergegeven.”
Voor de situaties waarbij er geen GTIN beschikbaar is, kun je bij Google een uitzondering aanvragen voor je account, dit kan via dit formulier. Let op dat deze uitzondering alleen geld als er echt voor uw type product geen GTIN codes zijn.
De GTIN code blijkt ontzettend belangrijk te zijn! We hebben gevallen gezien waarbij een enkel streepje in het GTIN nummer er voor zorgde dat alle producten werden afgekeurd. Let er dus op, dat als er iets niet werkt, het heel goed kan zijn dat het aan het GTIN nummer ligt.
6. Testfeed?Upload eerst via de handmatige mogelijkheid in het Merchant Center een testfeed met een paar regels met producten. Met de feedback die Google automatisch op die feed geeft, kunt u de feed verder finetunen voordat u de volledige feed automatisch koppelt en in uw backend inregelt.
7. Google Feedback ?Neem de feedback die Google na verloop van tijd geeft over uw feed in het Merchant Center serieus. De feedback over uw feed is eigenlijk ook feedback over de opbouw/content van uw website! Google geeft heel specifiek feedback over titels, beschrijvingen, etc.
8. Verschillende domeinen ?Per account kan maximaal één domeinextensie worden gebruikt. Om de product feeds van de domeinen www.example.nl en www.example.com te koppelen dienen er helaas twee accounts aangemaakt te worden.
9. Verschillende landen folders?Stel dat je een .com domeinnaam inzet voor verschillende landen, met bijvoorbeeld .com/nl voor Nederland en .com/de voor Duitsland. Dan houdt dit in dat u voor alle feeds unieke ID’s moet hebben! Dus stel dat uw ID’s optellen van 1 t/m 2000, dan moet u bijvoorbeeld voor Nederland er voor zorgen dat het ID 1nl t/m 2000nl wordt en voor Duitsland 1de t/m 2.000de. Anders pakt Google alleen de feed die het laatste is geïmporteerd en staat er slechts één land live.
10. Zorg voor reviews?Een van de belangrijke factoren voor het verkrijgen van hoge posities in Google Shopping zijn reviews. Op dit moment is dat een mix van reviews vanuit vergelijkingssites als Kieskeurig.nl en Beslist.nl, maar ook reviews vanaf Wehkamp.nl worden getoond.
Dat een product met reviews meer aandacht zal krijgen van een bezoeker is geen hogere wiskunde. Het is daarom zeer belangrijk om ervoor te zorgen dat uw producten voorzien worden van recensies. Voor wie dat niet via een vergelijkingssite wil doen, is het ook mogelijke een aparte partij zoals eKomi.nl in te zetten, of natuurlijk zelf een review systeem op te zetten.
Bron: emerce.nl
Dinsdag 3 mei 2011
Google Shopping open voor Nederlandse webwinkelsNederlandse webwinkels kunnen hun assortiment naar Googles productvergelijker Google Shopping gaan uploaden. De deuren staan open. Consumenten moeten nog een paar maanden wachten voordat ze de concurrent van Bol.com Plaza, Beslist.nl, Kieskeurig.nl en Vergelijk.nl kunnen gebruiken.
Eerder vanmiddag maakte Google bekend dat het voor webwinkeliers in Nederland, Spanje en Italië de deuren van zijn Merchant Center opent. Eigenaren van online shops kunnen daar hun data feeds uploaden naar Google. Zo komen hun producten met hyperlink en prijsvermelding in de organische zoekresultaten wanneer een consument een relevante zoekopdracht uitvoert.
Het is nog niet bekend wanneer Nederlandse consumenten Google Shopping kunnen gaan gebruiken.
In Duitsland, Engeland en Frankrijk opende de zoekmachine voor producten halverwege 2010 reeds de digitale deuren.
Google positioneert zijn nieuwe zoekmachine niet als een productvergelíjker, maar als een productzoékmachine. Op de pagina met zoekresultaten ziet de Google-gebruiker afbeeldingen en productinformatie over het gezochte item maar ook welke winkel het tegen welke prijs verkoopt en welke recensies er over dat product elders verschenen. De verwijzingen naar de schappen van de webwinkels zijn gratis.
Sinds de zomer heeft Google proactief al tientallen grote webwinkels benaderd met de vraag of ze hun data feeds gereed willen maken voor zoekmachine Google Shopping.
De nieuwe zoekmachine mag dan geen productvergelijker zijn, maar hij toont wel een generiek overzicht van webwinkels met hun prijzen. In die zin vervult Google Shopping dezelfde functie als sites als Beslist, Kieskeurig en Vergelijk.nl. Zij hebben elk rond de 10 procent bereik volgens de STIR-cijfers. Googles bereik ligt in Nederland boven de 90 procent.
Ook het nieuwe Bol.com Plaza kan zich in zekere zin ontwikkelen tot een concurrent voor Google Shopping. Immers, Bol.com stelt zijn site open voor de concurrentie. Zij mogen het grote bereik van Bol.com gebruiken om hun eigen producten aan de man te brengen. De Nederlandse webwinkel rekent een percentage over de aangebrachte omzet.
Google Shopping kan ook rekenen op kritiek van webwinkels. Immers, de zoekresultaten van Shopping verschijnen hoog op de eerste pagina met generieke zoekresultaten onder een apart kopje ‘Shopping’ of ‘Producten’. Google Nieuws, Maps, Images en Video bekleden reeds zo’n voorkeurspositie in de zoekresultaten. Wanneer Shopping-resultaten daarbij komen, zakt een deel van de organische zoekresultaten buiten het beeld van de eerste pagina. De winkelier die van de eerste pagina verdwijnt zal extra moeten investeren om dat verlies te compenseren, hetzij met SEO- hetzij met SEA-activiteiten.
Bron: Emerce
Vrijdag 1 april 2011
Google Panda Update doorgevoerd in Nederland.
De Google Panda Update is een aanpassing van Google in hun algoritme voor het bepalen van de zoekwaarde van sites en pagina’s. Volgens cijfers hebben 40% van alle websites door de update dagelijks minder bezoekers. Het algoritme is een mysterieuze formule van Google waarmee ze per site / per pagina bepalen wat de relevantie van deze site / pagina is bij bepaalde zoektermen. Scoort jouw website / pagina hoog dan zul je ook hoger tussen de zoekresultaten komen te staan. De zoekmachine formule is nu dus aangepast en ze noemen dit de Google Panda Update, ook wel de Google Farmer Update genoemd.
Volgens Google was de update nodig omdat bijvoorbeeld veel sites met gedupliceerde inhoud (duplicate content) toch hoog eindigden tussen de zoekresultaten. Dit terwijl de oorspronkelijke site waar deze content werd uitgebracht veel lager uitkwam door omstandigheden. Om deze reden ontstonden dagelijks sites die niet anders deden dan andermans teksten / inhoud / content op de eigen site te plaatsen (zogenaamde Content Farms) en hier vervolgens leuk geld mee konden verdienen. Google moest hier stappen tegen ondernemen en zodoende zijn de “regels” / is de formule aangepast om deze content farms niet langer hoog te laten scoren.
Het nieuw algoritme wil de zoekresultaten verbeteren en daarbij let het op de volgende factoren per geïndexeerde website:
• Nauwkeurigheid / precisie: de site moet helder zijn, consistent en het moet dus niet de tijd verspillen van de bezoekers met non relevante informatie
• Relevant: de site moet zich houden aan het onderwerp en eigenlijk ook als expert op dit onderwerp bekend staan (dit was eigenlijk ook al voor de update een belangrijk aspect
• Efficiënt: de site moet snel zijn qua downloadtijd en niet te veel links / knoppen in de navigatie hebben, eenvoudig en snel te doorklikken dus
• Autoriteit: de site moet unieke informatie bieden en de bezoekers waardevolle informatie bieden
• Volledigheid: bied bronnen zoals blogs, video en actuele en relevante nieuwsberichten
De meest belangrijke en nieuwe factor is toch wel het bieden van originele / unieke inhoud. Geen van andere sites geaggregeerde of gesyndiceerde inhoud (aggregated of syndicated content). Het ophalen van RSS feeds en deze inhoud op je site publiceren zal door Google niet op prijs worden gesteld. Echter mocht de content niet uniek zijn en de site voegt toch nog op een andere wijze waarde toe aan de informatie dan kan Google hier toch nog punten aan toe kennen. Maar sites die alleen maar duplicate content bevatten die zullen niet meer hoog eindigen tussen de zoekresultaten.
Maandag 14 maart 2011
Workshop 'Google zoek u. Wat zoekt u op Google?'
Wat wilt u eigenlijk bereiken met Google? En hoe realiseert u dat? Dat is het centrale thema van onze workshop ‘Google zoekt u. Wat zoekt u op Google?’. Er komen herkenbare voorbeelden voorbij uit de praktijk. We reiken ter plekke tips en ideeën aan om uw marketing via internet te optimaliseren. U gaat naar huis met tastbaar resultaat! Uw doelstelling is niet dat u gevonden wordt, maar dat u sales of leads genereert. Professionele zoekmachinemarketing kan dit faciliteren en stimuleren. De ontbijtworkshops vinden plaats op 20 april en 21 april 2011, van 8.00 - 10.00 uur. Aanmelden kan tot 1 april 2011.
Woensdag 9 maart 2011
Google Instant Preview nu ook voor Mobile
Vanaf vandaag is Google Instant Preview beschikbaar op mobiele Android (2.2 +) en IOS (4.0+) apparaten in 38 talen. De functie is vergelijkbaar met de desktop-versie van Instant Preview. Wanneer u op het icoontje klikt kunt u namelijk op basis van de previews de resultaten doorbladeren, hierdoor wordt het voor u makkelijker het best passende resultaat te kiezen.
Voor het gebruik van Instant Preview op uw mobiele apparaat, typt u een zoekopdracht in op www.google.com en klikt u op het vergrootglas naast een zoekresultaat.
Een side-by-side vergelijking met webpagina previews van de eerste pagina van de zoekresultaten zal verschijnen. Wanneer u een resultaat ziet waarvan u de website wilt bezoeken, klikt u op de preview, u wordt dan automatisch doorgestuurd naar de achterliggende website.
Onderstaand treft u tevens een video aan met uitleg:
Bron: Google Blog
Woensdag 2 maart 2011
Google maakt zoekresultaten socialer
Google gaat de resultaten van de zoekmachine voortaan ook baseren op hoe vaak iets gedeeld is door bekenden via sociale media. Dat schrijft de zoekgigant op hun Blog.
Zo zullen pagina’s die zijn geschreven of gedeeld door vrienden automatisch tussen de resultaten worden gepresenteerd in plaats van onderaan de zoekresultaten zoals nu het geval is.
“Dit betekent dat als vrienden of collega’s een pagina hebben gedeeld via Twitter of Facebook de website hoger in de zoekresultaten komt te staan dan het geval was geweest als dat niet gedaan was”, aldus Google. Onder het resultaat staat ook hoe vaak en door wie de link gedeeld is.
Daarnaast laat Google de sociale resultaten niet alleen meer afhangen van dingen die zijn gedeeld via een Google-account. Ook de pagina’s die gedeeld zijn door vrienden op Twitter, maar dit niet hebben gekoppeld aan hun account zullen in de resultaten verschijnen.
Gebruikers hebben wel de mogelijkheid om bepaalde sociale netwerken niet openbaar te maken voor de zoekmachine.
In een video legt het Google de veranderingen uit:
bron: Google blog, nu.nl